Ik voel mij meer één,
Op weg naar Janna voor mijn eerste gesprek begon ik onderweg zomaar te huilen.
Een diep verdriet kwam los, alsof er in mij eindelijk ruimte ontstond. Ik begreep het niet goed, maar voelde: dit moet zo zijn. Als tranen vastzitten, is het fijn wanneer ze los mogen komen. Janna bevestigde dat dit heel normaal is. Mijn lichaam bleek wijs — het had het verdriet opgeslagen en wist nu dat het er eindelijk uit mocht.
Ik voel me over het algemeen gelukkig, maar merkte dat ik vastliep in mijn faalangst. De angst om het niet goed te doen — niet alleen voor anderen, maar ook voor mijzelf — hield me tegen om volledig mijn plek in te nemen en voluit te leven. Ik leefde in een comfortzone. Ook de vrees om mensen of dingen te verliezen zorgde ervoor dat ik bepaalde situaties vermeed, niet trouw was aan mijzelf en om dingen heen bewoog.
Ik voelde een sterk verlangen om dit patroon te doorbreken en op een dieper niveau te helen. Toen ik Janna hoorde in een podcast, raakte dat iets in mij. Zonder precies te weten waarom, voelde ik dat ik graag therapie bij haar wilde volgen.
Bij Janna mocht ik terugkijken naar mijn allereerste begin: mijn prenatale tijd. Hoe zag mijn ontstaan eruit, en hoe verliepen de zwangerschap en de geboorte? Er kwamen een aantal dingen aan het licht die ik feitelijk al wel wíst, maar nu voelde ik ineens de impact ervan — en een groot verdriet. Ik huilde en huilde. Het raakte me diep. Niet alleen tijdens de sessies met Janna, maar ook in de periodes ertussen.
Ik begon me te beseffen dat mijn diepe behoefte om niet te falen al in die vroege periode is ontstaan. Gedachten als mag ik er zijn?, doe ik het goed?, is er iemand voor mij?, nu heb ik het verknald of laat ook maar zijn lang geleden al bij dat kleine meisje ontstaan. Ze zijn diep in haar gegrift en hebben onbewust mijn blauwdruk gevormd.
Tijdens de tweedaagse mocht ik een volgende, helende stap zetten: het kleine meisje in mij letterlijk troosten, vasthouden en weer dichtbij laten komen. Niet langer op afstand houden, maar haar omarmen. Ik vond het niet makkelijk om dit in een groep te doen, maar de veiligheid die werd geboden gaf mij uiteindelijk ook van binnenuit veiligheid, waardoor het lukte. Achteraf kan ik zeggen dat dit een intens helende ervaring was.
Nu, een paar maanden later, merk ik dat ik steviger in het leven sta. Ik voel mij meer één, alsof ik een afgesplitst deel van mijzelf heb teruggevonden. Ik ervaar van binnenuit een kiem van innerlijke kracht die ik nog niet kende en die ik mag laten groeien. In lastige situaties, of wanneer ik mij getriggerd voel, herken ik ineens de roep van het kleine meisje. In plaats van haar af te wijzen en weg te duwen, probeer ik nu te blijven voelen en naar haar te luisteren. Ik geef haar aandacht en erkenning — en dat doet mij goed.
Ik probeer in verbinding te blijven: met mijzelf én met de ander. En juist die verbinding geeft mij de moed om nieuwe stappen te zetten.
Prisca
