Ik ben geboren en mag er helemaal zijn

9 aug 2025

Ik ben geboren en mag er helemaal zijn

Als derde kind, tweede dochter, werd ik geboren in mijn gezin van herkomst. Mijn oudste broer kwam in 1974 ter wereld, daarna mijn zus in 1975 en ikzelf in 1977. Drie kinderen in drie jaar en één maand. Mijn moeder was 24 jaar oud toen ze mij kreeg. Mijn komst was een verrassing, want ze dacht dat ze niet in haar vruchtbare periode zat. Ze slikte geen pil vanwege bijwerkingen.

Mijn vader was elke keer blij en trots wanneer er een kindje op komst was. In totaal zijn er zeven kinderen geboren. Tijdens haar zwangerschap van mij voelde mijn moeder zich de volle negen maanden misselijk en ze had een ijzertekort. Ik was het lichtste en kleinste kindje van allemaal. Opmerkelijk genoeg voelde ze zich na mijn geboorte juist psychisch het beste van alle keren. Wel had ze tijdens deze zwangerschap last van straatvrees, waardoor ze vooral binnenbleef — mede doordat ze op een bovenwoning woonden met al twee kleine kinderen. Het was een pittige tijd.

Mijn ouders waren in die periode bezig met het bouwen van een huis. Ze keken ernaar uit om te verhuizen naar een echte eengezinswoning. Mijn vader werkte als magazijnchef bij de SRV-wagen en kwam vaak pas laat thuis. In de weekenden wandelden we als gezin veel samen.

Ik werd drie dagen na de uitgerekende datum geboren. Ik was méér dan welkom. In die tijd werd zwangerschap als vanzelfsprekend beleefd — er was weinig extra aandacht voor. Toch waren er de handen van mijn ouders op de buik voor contact met mij. Ik kwam via een natuurlijke bevalling ter wereld in het ziekenhuis. Mijn moeder kreeg een weeënopwekkend middel om het proces te versnellen. De bevalling verliep perfect: geen complicaties, direct huid-op-huid contact, en haar conditie was goed. Ze had maar één hechting nodig. Ik kreeg borstvoeding en was een makkelijke baby met een rond koppie. Ze waren blij met mijn komst.

Na drie maanden verhuisden we naar een nieuwbouwwoning in Groningen, mét douche. Voor het eerst had ik een eigen kamertje. Ik was geen huilbaby.

Ik zou er nog veel meer over kunnen vertellen, maar dit geeft een kleine inkijk in hoe de maanden in de buik van mijn moeder waren.

Patronen die ik nu herken in mijn leven? Weinig huilen. Me aanpassen. Dapper en sterk zijn. Volhouden. Zorgen voor de ander. Dingen alleen willen doen. Hard kunnen werken. Maar ook: moeite hebben met ruimte innemen.

Toen ik hoorde dat Janna een weekend organiseerde rondom prenatale herinneringen, was mijn nieuwsgierigheid direct gewekt. Ik kende haar nog van enkele jaren geleden toen ik leertherapie bij haar volgde. Ik had haar toen al leren kennen als een liefdevol en fijn mens, dus ik twijfelde geen moment om contact met haar op te nemen en me aan te melden.

Vol vertrouwen en met een open, nieuwsgierige houding ging ik samen met een lieve vriendin in april naar haar warme praktijkruimte in Kampen. Geen idee wat het me zou brengen — of kosten, qua emoties en inspanning.

Bij binnenkomst werden we hartelijk ontvangen met thee, koffie en lekkers. We schudden handen met elkaar en namen plaats in een kring. We begonnen met ‘landen op je plek’. De warme stem van Janna hielp me om snel helemaal aanwezig te zijn en me open te stellen voor wat komen ging. Vooral haar woorden aan het begin: “Hier ben ik, en jij bent daar”, raakten me diep. Ze deden me beseffen hoe waardevol het is om eerst bij jezelf in te checken, om van daaruit de ander echt te kunnen ontmoeten — niet omdat het moet, maar omdat het mág.

Eén voor één kwamen we aan de beurt met ons unieke prenatale verhaal. Geen denken, maar voelen. Geen reconstructie, maar lichaamswijsheid. Wat anderen deelden raakte me stuk voor stuk. Ieders verhaal was zó eigen en zó waardevol. De manier van luisteren, beleven en getuige zijn raakte me diep. Ik mocht aanwezig zijn bij de prenatale herinneringen van deze prachtige mensen. Er waren tranen, er was stilte, er was begrip. Alles mocht er zijn — gedragen door de liefdevolle begeleiding van Janna.

Als laatste mocht ik in het midden van de kring plaatsnemen. Alleen dat al — zitten in het midden, gezien worden, gehoord worden — was een heling op zich. Ik zat recht tegenover Janna en kreeg een koptelefoon op met zachte, ontspannende muziek. Met mijn babyfoto in mijn hand begon de reis naar binnen.

Wat ik niet kon bedenken met mijn hoofd, voelde mijn volwassen lijf. Ik zag mijn kleine ik — dat meisje in het ziekenhuisbedje. Ik werd meegenomen naar het allereerste begin: toen ik nog veilig in de buik van mijn moeder zat. Ik voelde mijn inimini-zijn. Ik beleefde de misselijkheid, het aanpassen, het innerlijke fluisteren: “Mama, ik zorg wel voor jou.” Het overspoelde me, maar ik voelde me veilig. Alles in mij deed ertoe. Ik voelde liefde — voor mijn moeder, voor mijn geschiedenis. En mijn geschiedenis werd gehoord door de groep.

Daarna voelde ik me intens moe, maar ook diep rustig. Het voelde als een diepe reis naar binnen. Alsof ik meer welkom was bij mezelf.

De sporen van hoe ik al in de buik gevormd werd, voel ik vandaag nog steeds: aanpassen, op de ander gericht zijn. Maar door deze ervaring voel ik me extra geliefd. Dankbaar dat ik dit heb mogen meemaken.

Wat de uitwerking is? Meer bewustzijn. Het besef dat mijn unieke verhaal al begon zonder dat ik het wist. Ik durfde te voelen, ik luisterde naar mijn lichaam.

Ik ging op reis en ik nam mezelf mee: mijn ongeboren ik én de volwassen ik. Ik ben geboren — en ik mag er helemaal zijn.

J. Ouwejan, > 40 jaar